Het zal je maar gebeuren, een lekker groot stuk land bij je hutje, een half voetbalveld ongeveer, eindelijk vol met gras en maaien af en toe, meer toe dan af, maar dat doet er even niet toe.
Totdat ene Meneer of Mevrouw Mollema ( verder genoemd Mol) hier een intrede deed, alwaar vrouwlief totaal niet happy mee was, ik nog minder, want waar Mol zijn/haar kuiltje gang/had gegraven, daar lag ik dus al twee keer op mijn postzegel, recht vooruit, lang en strak mijn borsten hooghoudende al waren ze net betaald van de siliconen( die siliconen klopt wel, want dat zijn speciale pleisters)
Vrouwlief naar de dierenzaak en vroeg om een middel tegen mollen. Nou niets mocht meer, geen rookbommetje of een doek met petroleum in het kader van de milieuwet. Wij houden ons altijd netjes aan de wet ( als het mij uitkomt natuurlijk) dus dat feest ging niet door. Verder gezocht op internet en nu is er een apparaat in de handen, die druk je in de grond ( een soort van halogeentuinamp) en die zend een soort van sonarsignalen uit waar ze niet tegen kunnen, want ik wilde niet dat hier een meneer met klemmen kwam om die diertjes ( ze zijn zo lief en klein)het leven uit te klemmen, dan maar een omgespitte tuin, alwaar vrouwlief de nodig bezwaren tegen had, aangezien ze net een nieuw grindpad had aangelegd.
Op vier stenen na is ook deze rij van ellende af. Ja en dan sta ik in de keuken en kijk naar het mistroostige weer en zie ineens aarde omhoog komen, langs het grindpad waar Mol al diverse keren geweest was en ik diverse gaten dichtgestampt had, voordat ik weer op mijn ponem zou vallen, ik struikel nog over een lucifer.Het begon harder te regenen, ik had mijn leesbril nog op, deed die snel af, vest aan, slippers aan en als een speer naar buiten, de riek gepakt en prikken waar ik de aarde omhoog had zien komen.
Gelijk maar overal en nergens dat ding ingeramd, tja je weet nooit waar die blinde zit toch?
Alles netjes aangestampt, ik zeiknat weer naar binnen ( dat wordt morgen smeren van de botpijn door het vocht) gelijk een droog T-shirt aangetrokken, wil net mijn bakkie koffie pakken, zie ik dat er weer aarde omhoog gegooid wordt. Even ben ik met de snikkel op de bek geslagen, wat een gotspe zeg. Dat kreng leeft nog ( eigenlijk was ik best wel blij hoor) maar als je nu niet ingrijpt omdat je zo een gezonde grond hebt is het in het voorjaar hier een grote zandvlakte, dus ik weer naar buiten zonder vest dit keer, die hing al te drogen en weer met die riek gaan prikken en gelijk aanstampen die molshopen. Ik heb tot nu toe geen bewegingen meer gezien.
In mijn hart hoop ik dat Mol gevlucht is voor mijn riek, aan de andere kant hoop ik ook dat hij/zij een prachtige begravenis van mij heeft gehad, gelijk onder de aarde, geen kijkdagen, hup gelijk zand erover. Maar dat ik mijzelf er niet zo lekker bij voel komt gewoon omdat ik tegen het geweld ben wat ik nu zelf heb moeten gebruiken, omdat vrouwlief zoveel werk aan haar tuin had en nog heeft.
Lieve Mol, weken lang heb je hier je hart kunnen luchten, maar voordat wij in de hut aan de schuine kant gaan hangen omdat je overal gangen hebt gemaakt, was het mijn plicht als mede bosbewoonster om het heft in eigen hand te nemen. Rust zacht ouwe Mol, mits ik je geraakt heb. Zo niet, ga je toch vrijdag naar de buren want vrouwlief neemt vrijdag zo een sonarding voor je mee, je bent dan wel blind, maar ik mag hopen dat je niet doof bent. Want dan zijn wij in de aap gelogeerd.

©leny kruis